Filters
1225 resultaten gevonden
Beginnende verpleegkundige onder de loep!
Binnen de Hogeschool Ede is een verkennend onderzoek onder beginnende en ervaren verpleegkundigen verricht. De onderzoeksvraag is als volgt: ‘Welke persoonlijke factoren van beginnende verpleegkundigen beïnvloeden positief of negatief het professioneel handelen?’ Het onderzoek heeft plaatsgevonden in het psychiatrisch werkveld.
PublicatieDiepte- en oppervlakteleren
In dit artikel wordt de diepte-/oppervlaktebenadering in het leerstijlonderzoek positief-kritisch besproken. Daarnaast wordt een pleidooi gehouden voor een ander accent als het gaat om leerstijlen. Een bepaalde leerstijl kan in de ene opleiding of voor het ene vak voldoen, maar tekortschieten in een andere opleiding of bij een ander vak.
PublicatieDer Schrei der Erleuchtung ist Stumm : Over stilte in het gesprek.
Supervisie geven is vragen stellen. Dat is de opvatting die een leersupervisor bij vrijwel alle beginnende supervisoren tegenkomt. Daarbij gaat het niet gewoon om vragen, maar om vragen die de supervisant tot reflectie aanzetten. Iets preciezer geformuleerd: supervisie geven is het stellen van reflectiebevorderende vragen. Er is een scala aan supervisorische vragen te benoemen, zoals: ‘Wat maakt nu dat je je zo voelt?’, of: ‘Wat heb je nodig om dat te bereiken?’ Wij hebben echter de indruk dat er in supervisiegesprekken te vaak en te veel gevraagd wordt. Het stellen van vragen, zelfs het stellen van zogenaamde reflectievragen, kan het proces van reflectie namelijk ook verstoren. Reflectie is primair een intrapsychisch gebeuren, waarbij de supervisant door geconcentreerd te luisteren naar eigen ervaringen en overwegingen tot een nieuw perspectief komt en vanuit dat nieuwe perspectief tot nieuw handelen. Reflectie is een bewuste ontvankelijkheid voor invallen vanuit onbewuste processen. Het onbewuste denken weet immers meer en beter en staat dichter bij het zelf dan het bewuste, logische denken. De activiteit van de supervisor (en van eventuele medesupervisanten) is erop gericht dat proces van reflectie te bevorderen. Daarvoor zijn woorden nodig maar zeker ook stilte, die naast de woorden haar eigen betekenis overdraagt. Een goede supervisor is niet gewoon iemand die de juiste vraag op het juiste moment weet te stellen, maar vooral iemand die de stilte kan hanteren en het stellen van vragen tot het juiste moment weet te beperken.
PublicatieCorporate spirituality as organizational praxis
A methodology for doing research into corporate spirituality should enable us to deal with the religious component of spirituality instead of trying to separate spirituality from religious beliefs, as the positivist school proposes. Waaijman’s phenomenological-dialogical research cycle enables us to deal with religious diversity in a scientific way. Sölle’s concept of democratized spirituality allows for discovering everyday (corporate) life as a finding place and workplace for spirituality. Replacing theistic terms by the concept of ‘alterity’ in a definition of spirituality may stimulate corporate spirituality without excluding or disqualifying spiritual diversity. Arendt’s concept of ‘action’ is closely connected to democratised spirituality. From that we can deduce a number of characteristics of corporate spirituality that give flesh and bone to what corporate spirituality can be. This allows us to see that many elements of corporate spirituality are already present in our organizational praxis. It also tells us that we need to become more aware of them and practice them. In doing so we set out on a ‘via transformativa’ that eventually may transform our organizations.
PublicatieTalentontwikkeling als speerpunt van opleidingsdidactiek?
De centrale vraag voor dit onderzoek is: Wat is kenmerkend voor onderwijs dat is gericht op talentontwikkeling en hoe verhoudt dit onderwijs zich tot respectievelijk een meer opbrengstgerichte en een meer ontplooiingsgerichte onderwijsstijl? Het onderzoek omvat een kwantitatieve analyse op basis van de tweedeling opbrengsgericht en ontplooiingsgericht werken, en een kwalitatieve analyse op het specifieke punt van talentontwikkeling. Voorgesteld wordt in het onderwijs vorm te geven aan de dynamiek van leerkrachtaffiniteiten, onderwijsbehoeften en vragen vanuit de samenleving.
PublicatieVrijheid van meningsuiting als slogan voor een meerderheidsmoraal
Als fundamenteel grondrecht staat de vrijheid van meningsuiting voor een belangrijk burgerrecht dat zelfs centraal staat in de democratische rechtsstaat. In het actuele publieke debat wordt deze fundamentele vrijheid soms vervangen door een pleidooi voor een nieuwe publieke moraal die de rechten van minderheden inperkt.
PublicatieHoe blijven wij onszelf, terwijl we de wereld willen veranderen (en de wereld ons)?
Waarom zouden we eigenlijk de wereld willen veranderen? Waar halen we de gedachte vandaan dat we dat zouden kunnen? En zijn wij eigenlijk wel wijs genoeg om te zien welke kant het op moet met de wereld? Hebben we voldoende inzicht?Het is een typisch moderne gedachte: ‘de wereld veranderen’. Als we Augustinus lezen (De stad van God) komen we die gedachte niet tegen. Daar is de wereld vooral decor voor de pelgrimsreis van de christengemeenschap. De wereld waarin we leven, dat is een plaats waarop wij niet zoveel invloed hebben, een wereld waarin kwade machten huizen, waarin God ondoorgrondelijk zijn gang gaat, waar voortdurend machthebbers ons vervolgen – zelfs als ze belijdend christen te zijn.Punten die worden behandeld zijn o.a.:- Niet bij deze wereld horen- Moeite met irrelevant zijn- In staat om de wereld te veranderen?Alle christelijke missionaire stromingen vandaag hebben geaccepteerd dat wij op aarde zijn om deze wereld tot een betere plaats te maken. Daarin zijn wij eensgeestes met vrijwel alle niet-christelijke stromingen in de westerse wereld.- Verschillen christenen eigenlijk wel van niet-christenen?- Beperkte ruimte in hulpverleningsland- Ontmoedigingsbeleid voor identiteit bij subsidiesHet is geen wedstrijd tussen christenen en niet-christenen. We moeten uitwerken wat het betekent om te leven en te werken in een wereld waarin God volgens de ervaring van de grote meerderheid niet meer nodig is om sociale en morele orde te ondersteunen of goed werk te legitimeren.
PublicatieSpeelruimte : Spiritualiteit in het werk tussen willen en moeten
Arbeid laat zich eenvoudig definiëren als het verrichten van inspanning om een doel te bereiken. Met deze omschrijving wordt direct de intrinsieke spanning duidelijk die met alle arbeid gegeven is: men wil iets (een doel bereiken) en daarvoor moet men iets (inspanning verrichten). In dit artikel wordt de verhouding tussen willen en moeten in het werk nader verkend, en meer specifiek wordt de vraag gesteld naar de rol die spiritualiteit kan vervullen in het omgaan daarmee.In veel moderne, min of meer populairwetenschappelijke publicaties is dit geen vraag meer. Spiritualiteit lijkt daarin veeleer het antwoord te zijn om de spanning tussen willen en moeten op te heffen: alle kaarten worden op de pool van het willen gezet. In ‘Werken vanuit je hart’ beschrijft Chang bijvoorbeeld hoe wij diep van binnen, in ons hart, de kracht kunnen vinden om te realiseren waar we op hopen en van dromen. Op grond daarvan werkt hij een stappenplan uit voor passie en succes. Csikszentmihalyi heeft, voortbordurend op de inzichten van Maslow met betrekking tot de piekervaring, zeer tot de verbeelding sprekend onderzoek gedaan naar de Flow in zaken. De gedachten achter deze publicaties gaan terug op de overtuiging dat wie verbinding weet te maken met zijn diepste verlangens en drijfveren, met zijn diepste willen dus, werkelijk geluk in het werk kan vinden. Dat klinkt als een religieuze zij het niet-godsdienstige belofte.Spiritualiteit is lange tijd overigens juist verbonden geweest met de andere pool in het spanningsveld van willen en moeten. In de gereformeerd-protestantse traditie waren de wekelijkse catechismuspreken bijvoorbeeld een aanknopingspunt om te wijzen op de plicht tot arbeid: ‘Zes dagen zult gij werken!’ Arbeid werd gezien als roeping en het beroep als goddelijke plicht.
Publicatie